Harry Koene

Mijn foto
Netherlands
Fietsfreak, mooi-weer fietser. Liefst bergop, maar op vlakke beter. Zelfbenoemd EPO-kenner

vrijdag 4 september 2020

Angst

De winnaar van de Tour-etappe naar Mont Aigoual van gisteren was Lutsenko. Hij demarreerde op 4 km voor de finish uit een kopgroep en won. Soeverein. De echte winnaar was eigenlijk Herrada. Lutsenko had het gemakkelijk, die reed vooraan. Herrada werd in de voorlaatste beklimming gelost, kwam terug en gaf niet op toen Lutsenko van hem weg reed. Hij werd kansloos tweede. Waarom reed hij door? Hoopte hij op een implosie van Lutsenko of dacht hij “als ik pijn heb, heeft hij het ook”? Al mijn dopingkritiek en scepsis verbleekt bij het zien van Herrada.

Mijn wielercarrière begon als puber in de Nijmeegse heuvels. Met een vriendje reed ik rond Groesbeek en Ubbergen, waar de korte klimmetjes werden gebruikt om onze veren te laten zien. L was altijd beter, ook toen ik kotsend bovenaan de Nieuwe Holleweg in Berg en Dal stond uit te hijgen. Alleen de derde dag van de Nijmeegse Fietsvierdaagse was het feest. De klim naar Park Tivoli – een loper – was voor mij. Het “godverdomme!!” in mijn rug bracht mij in extase.

Afgelopen weekend reed ik met een vrienden in de Ardennen. De cyclosportieve Velomediane Claudy Criquilion ging niet door als eendaagse wedstrijd, maar kon verreden worden op een zelfgekozen moment in de zomer. In de afgelopen jaren reed ik vooraan in onze groep. Dat had niets met mijn talent te maken, maar kwam doordat de anderen wat achteroverleunden. Eerder moest ik altijd en overal mijn meerdere erkennen in R (en zijn tweelingbroer E), die langzaam verveeld raakte door de overwinningen en tijdens fietstochten steeds vaker interesse had voor vogels en bermbloemen. Na een onhandige valpartij een aantal jaar geleden besloot hij de boel weer wat serieuzer te benaderen. Ik rook direct onraad en probeerde krampachtig trainend mijn lichte voorsprong vast te houden.

Op zaterdag in La Roche brak het onvermijdelijke moment aan. Een dag eerder reden we wiel aan wiel een beklimming op en kon ik R nog net afschudden. Het verschil was veel te klein en mijn eerder boven komen deed veel te veel pijn. Hoewel we huichelachtig afspraken om het tijdens de 167 km lange tocht van zaterdag niet al te gek te maken, was het op de eerste klim meteen bal. R gebruikte een steil stuk, zijn lagere gewicht, maar vooral zijn surplus aan talent om ons hulpeloos achter te laten. Hoewel het verschil niet groot was, was de boodschap luid en duidelijk overgekomen. R had in kraakheldere taal laten weten dat de juiste verhoudingen waren hersteld.

De rest van de dag verliep tamelijk ontspannen. Waar ik het als puber steeds opnieuw probeerde, nestelde ik me nu comfortabel tussen de achtervolgers. R lachte me uit. Met mij zou het – ook op mijn 52e – nooit wat worden. Niet omdat hij beter was, maar omdat ik zo snel de handdoek wierp. Geen angst om te verliezen, maar angst om de strijd aan te gaan. Als je weet dat je de sterkste bent is het gemakkelijk om diep te gaan. Dat is anders als het spannend is.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten