Cadel Evans vertelt tijdens een hele serie interviews in Australië dat hij genoeg heeft van zijn tweede plaatsen en nu eindelijk eens de Tour wil winnen. Ik ben geen fan van Evans, maar zijn vasthoudendheid is indrukwekkend. Er moet iets zijn dat maakt dat hij in zichzelf blijft geloven. Iedereen heeft gezien hoe kansloos hij afgelopen zomer over de Franse wegen fietste. Bij elk viaduct werd hij gelost door kerels die hij een jaar daarvoor nog vernederde. Het wereldkampioenschap zal zeker een rol spelen; het dragen van de regenboogtrui moet een soort onoverwinnelijk gevoel veroorzaken. Er zijn volgens mij nog twee andere zaken die het naar arrogantie neigende zelfbewustzijn van Cadel hebben veroorzaakt.
De eerste is Moraal. Gebrek eraan is dodelijk voor de prestatie. Stel je voor dat je het hele seizoen hebt gericht op het winnen van de Tour. In de aanloop heb je niet alleen aan je conditie gedacht, maar ook aan de ondersteuning. In eerdere versies miste Evans een 'meesterknecht'. Die was voor veel geld aangetrokken, maar bleek - in PB de Buijns woorden - een dopinghufter. Knauw 1. Knauw 2 kwam in de ploegentijdrit, waar Silence-Lotto op minuten van Astana werd gezet. Knock out.
De tweede mogelijkheid is dat Evans een Geheim Wapen heeft. Het Wapen werd in 2009 ingezet, maar weigerde dienst of vertoonde een kinderziekte. In de aanloop van het WK werd het Wapen verfijnd en bleek het succesvol. Het Wapen is nog geheim, de WADA en de AFLD hebben er waarschijnlijk wel van gehoord, maar weten niet hoe het eruit ziet. De WADA en AFLD zijn overigens niet het grootste probleem. Dat zijn de tegenstanders, die het Wapen mogelijk ook hebben. Non-proliferatieverdragen zijn niet im Frage. De wapenwedloop is begonnen.
Harry Koene
- Harry Koene
- Netherlands
- Fietsfreak, mooi-weer fietser. Liefst bergop, maar op vlakke beter. Zelfbenoemd EPO-kenner
zaterdag 31 oktober 2009
zaterdag 17 oktober 2009
De 'waarom-vraag'
Waarom lopen bergbeklimmers naar de top van de Mount Everest? Een cliche-matige vraag, met een het antwoord van Sir Edmund Hillary: "Omdat de berg er staat". Geldt voor fietsen mutatis mutandis hetzelfde?
Vanavond zat ik op de Tacx-hometrainer. Voor mensen die het ding niet kennen: het is een driehoekig apparaat waar je je fiets inzet, zodat je stilstaand kan trainen. Tijd krijgt op zo'n ding een volstrekt andere dimensie: waar een ritje over de Ronde Hoep (38 km van deur tot deur) geldt als een uitzonderlijk kort ritje van ruim een uur, is een 'ritje' van een uur op de Tacx een prestatie van groot formaat. Niets is saaier. Sommige mensen richten zich op 45 minuten, zodat een combinatie met een helft Champions League mogelijk is. Jeroen Blijlevens - de wereldsprinter in het begin van het EPO-tijdperk - verdient ons allergrootste respect. Hij zat op natte winterdagen soms 8 uur (!!!) achter elkaar op de Tacx. Ga een keer op een home-trainer en voel hoe lang 8 uur kan zijn! Een moderne oplossing om de tijd te doden is de 'super-Tacx' waarmee je virtueel allerlei bergen kan beklimmen. Alle trainingen worden vastgelegd, zodat je ook tegen jezelf kan rijden. Hiermee is een essentieel onderdeel van 'leuk' geïntroduceerd: het competitie-element.
Waarom zit ik 's winters op de Tacx? Met 'leuk' heeft het niets te maken. Het beklimmen van een berg is op het moment zelf ook niet echt leuk, maar eenmaal boven is het onaangename gevoel vrijwel altijd binnen enkele seconden verdwenen. Zou het angst zijn? Angst om de in de zomer opgedane conditie te verliezen en op het Paasweekend niet de stenen uit de straat te kunnen rijden? Angst om op trainingsachterstand gezet te worden door meer gedisciplineerden? Angst om definitie en het gootje te verliezen?
Het moeilijkste van de Tacx is het vermijden van de 'waarom-vraag'. Eenmaal gesteld duurt afstappen nooit langer dan een tot twee minuten. Ik neem me altijd voor in ieder geval 55 minuten te blijven zitten. Vorig jaar - met het Pyreneeën-doel voor ogen - kreeg ik meestal pas na 45 minuten de waarom-oprisping. De laatste twee keer stond ik echter na 30 minuten er alweer naast. Waarom? Omdat ik geen behoorlijk antwoord op de waarom-vraag meer heb. Het devies: op winteravonden op de tanden bijten, de blik op oneindig en wachten op de zomertijd!
vrijdag 2 oktober 2009
Dekker en Contador
(zie www. wielerspel.com)
Lekker in je vel zitten
Thomas Dekker. Tja.. Thomas Dekker was Neerlands hoop in bange dagen. De manier waarop hij de Ronde van Romandie en de Tirreno Adriatico won voorspelde een glansrijke carrière die – minimaal – in de top 5 van de Tour de France moest eindigen. Thomas was tijdens de wielerveiling van 2009 (http://www.wielerspel.com/) een gewilde coureur. Als het verloop van de veiling een voorspeller is van de toekomst van het Nederlandse wielrennen, dan zit het wel goed. Enorme bedragen werden betaald voor renners wiens enige prestatie het vaak was dat ze in de opleidingsploeg van de Rabobank vooraan reden. Thomas Dekker was een zekerheid. Hij was niet echt een ‘binnenbander’, maar zou toch zeker de 18 betaalde punten opbrengen. Na een wat mager voorseizoen leken de Waalse klassiekers de ware Thomas weer te tonen: een uitstekende klimmer die niet bang is voor gevestigde namen, maar brutaal meestrijdt in de finale. Groot was dan ook onze ontzetting toen hij 3 dagen voor het begin van de Tour de France te horen kreeg dat een urinemonster uit 2007 alsnog sporen van EPO bleek te bevatten. De timing zorgde voor extra dramatiek. Ook Cadel Evans herstelde niet van het bericht dat zijn meesterknecht niet zou meedoen en reed een abominabele Tour.
Achteraf hadden we het kunnen weten. Teveel branie, te weinig bescheidenheid, teveel Porsche en teveel haar. Wat nog ontbrak was het sikje, maar verder keken we toch naar een Nederlandse versie van Frankie Vandenbroucke. Thomas vertelde in oktober dat hij in 2007 niet lekker in zijn vel zat. Hij had last van zijn heup en vond dat Rabobank hem niet op waarde schatte. Mogelijk dat hij last had van de naweeën van de Rasmussen-Tour en het verdwijnen van Theo de Rooij. Net zoals Michael Boogerd werd Rasmussen niet door Thomas veroordeeld. Uiteraard niet, dat doen vrienden niet. De drie dronken regelmatig een magere milkshake bij de MacDonalds in Wenen (je weet wel, die tegenover HumanPlasma), samen met hun buitenlandse collegae.
Nee, dan Alberto Contador. Alberto de Stoïcijnse. Alberto de Verschrikkelijke. Het hele jaar werd hij tegengewerkt omdat Armstrong zijn geldingsdrang niet kon intomen. Bruyneel, vorig jaar nog de trotse ploegleider van Alberto, werd voor de keuze gesteld en kon het niet opbrengen om de rol van Fatsoenlijke Ploegleider te spelen. Ondanks alle tegenwerking bleek Alberto niet te kloppen. Bergop, maar ook tijdens tijdritten staat er geen maat op. De manier waarop hij zich opzichtig aan het inhouden was tijdens de beklimming van de Mont Ventoux zal niemand snel vergeten. Een mooi beeld en diep vernederend voor Armstrong en de Schleckjes. Na afloop vertelde Contador zeer terughoudend over de verhoudingen binnen de ploeg. Het kwam hem te staan op een veeg uit de pan door Armstrong. Contador had na de Tour geen zin meer in Astana. Had hij dat wel gehad, dan zou hij zeer waarschijnlijk de overwinning aaneen geregen hebben. Het parcours van het WK was op zijn lijf geschreven en hij zou de enige zijn geweest die in de buurt had kunnen blijven van Cancellara in de tijdrit. Alberto is de komende jaren de Te Kloppen Man. Contador zit lekker in zijn vel. De vraag is niet wie de Tour gaat winnen, maar hoe vaak Contador dat nog van plan is te doen.
Lekker in je vel zitten
Thomas Dekker. Tja.. Thomas Dekker was Neerlands hoop in bange dagen. De manier waarop hij de Ronde van Romandie en de Tirreno Adriatico won voorspelde een glansrijke carrière die – minimaal – in de top 5 van de Tour de France moest eindigen. Thomas was tijdens de wielerveiling van 2009 (http://www.wielerspel.com/) een gewilde coureur. Als het verloop van de veiling een voorspeller is van de toekomst van het Nederlandse wielrennen, dan zit het wel goed. Enorme bedragen werden betaald voor renners wiens enige prestatie het vaak was dat ze in de opleidingsploeg van de Rabobank vooraan reden. Thomas Dekker was een zekerheid. Hij was niet echt een ‘binnenbander’, maar zou toch zeker de 18 betaalde punten opbrengen. Na een wat mager voorseizoen leken de Waalse klassiekers de ware Thomas weer te tonen: een uitstekende klimmer die niet bang is voor gevestigde namen, maar brutaal meestrijdt in de finale. Groot was dan ook onze ontzetting toen hij 3 dagen voor het begin van de Tour de France te horen kreeg dat een urinemonster uit 2007 alsnog sporen van EPO bleek te bevatten. De timing zorgde voor extra dramatiek. Ook Cadel Evans herstelde niet van het bericht dat zijn meesterknecht niet zou meedoen en reed een abominabele Tour.
Achteraf hadden we het kunnen weten. Teveel branie, te weinig bescheidenheid, teveel Porsche en teveel haar. Wat nog ontbrak was het sikje, maar verder keken we toch naar een Nederlandse versie van Frankie Vandenbroucke. Thomas vertelde in oktober dat hij in 2007 niet lekker in zijn vel zat. Hij had last van zijn heup en vond dat Rabobank hem niet op waarde schatte. Mogelijk dat hij last had van de naweeën van de Rasmussen-Tour en het verdwijnen van Theo de Rooij. Net zoals Michael Boogerd werd Rasmussen niet door Thomas veroordeeld. Uiteraard niet, dat doen vrienden niet. De drie dronken regelmatig een magere milkshake bij de MacDonalds in Wenen (je weet wel, die tegenover HumanPlasma), samen met hun buitenlandse collegae.
Nee, dan Alberto Contador. Alberto de Stoïcijnse. Alberto de Verschrikkelijke. Het hele jaar werd hij tegengewerkt omdat Armstrong zijn geldingsdrang niet kon intomen. Bruyneel, vorig jaar nog de trotse ploegleider van Alberto, werd voor de keuze gesteld en kon het niet opbrengen om de rol van Fatsoenlijke Ploegleider te spelen. Ondanks alle tegenwerking bleek Alberto niet te kloppen. Bergop, maar ook tijdens tijdritten staat er geen maat op. De manier waarop hij zich opzichtig aan het inhouden was tijdens de beklimming van de Mont Ventoux zal niemand snel vergeten. Een mooi beeld en diep vernederend voor Armstrong en de Schleckjes. Na afloop vertelde Contador zeer terughoudend over de verhoudingen binnen de ploeg. Het kwam hem te staan op een veeg uit de pan door Armstrong. Contador had na de Tour geen zin meer in Astana. Had hij dat wel gehad, dan zou hij zeer waarschijnlijk de overwinning aaneen geregen hebben. Het parcours van het WK was op zijn lijf geschreven en hij zou de enige zijn geweest die in de buurt had kunnen blijven van Cancellara in de tijdrit. Alberto is de komende jaren de Te Kloppen Man. Contador zit lekker in zijn vel. De vraag is niet wie de Tour gaat winnen, maar hoe vaak Contador dat nog van plan is te doen.
zondag 20 september 2009
Intimidatie
Intimidatie is een niet te onderschatten onderdeel van de voorbereiding op een koers. Over geschoren benen heb ik het al eens gehad, maar de presentatie van de fiets is minstens zo belangrijk. Vanochtend werd op sportpark Sloten een ploegentijdrit gereden.
Wij reden in de categorie 40-plussers, tezamen met 8 andere ploegen. In dezelfde wedstrijd reden 3 elite teams en een nieuwelingen-team. Een van de eliteteams had het goed begrepen. De ploegleiderswagen werd tot naast het jury-kantoor gereden en van de imperial werden 4 tijdritfietsen geplukt, die opzichtig (tegenover de inschrijving) werden opgebouwd. Je zou zeggen dat het wat 'overkill' is voor een wedstrijd over 25 km op een verloren zondagmiddag, maar dat is naïef. Terwijl de mecanicien de kransen aan het steken was, deden de coureurs hun best een zo ontspannen mogelijke indruk te maken. Tegen zoveel professionaliteit is niets bestand. Wij probeerden onze angst te verbloemen door het maken van zoveel mogelijk ruwe grappen, maar de winnaar was al bij voorbaat bekend.
Nee, dan wij. Gewone wegfietsen, geen ligsturen, geen (of eigenlijk 1) snelpak, geen dichte wielen. We werden kansloos 6e (eigenlijk 7e, maar de ploeg voor ons reed een ronde te weinig).
Degenen die denken dat het slechts de benen zijn die het werk doen, vergissen zich. Ik schat dat ongeveer 50% van de overwinning zit in het wekken van de indruk dat je (veel) sterker bent dan je tegenstander. Wielrenners zijn weldenkende mensen, maar hun verstand gaat al op nul bij de aanblik van een gesoigneerde tegenstander. De fiets hoort daar onlosmakelijk bij.
Wij reden in de categorie 40-plussers, tezamen met 8 andere ploegen. In dezelfde wedstrijd reden 3 elite teams en een nieuwelingen-team. Een van de eliteteams had het goed begrepen. De ploegleiderswagen werd tot naast het jury-kantoor gereden en van de imperial werden 4 tijdritfietsen geplukt, die opzichtig (tegenover de inschrijving) werden opgebouwd. Je zou zeggen dat het wat 'overkill' is voor een wedstrijd over 25 km op een verloren zondagmiddag, maar dat is naïef. Terwijl de mecanicien de kransen aan het steken was, deden de coureurs hun best een zo ontspannen mogelijke indruk te maken. Tegen zoveel professionaliteit is niets bestand. Wij probeerden onze angst te verbloemen door het maken van zoveel mogelijk ruwe grappen, maar de winnaar was al bij voorbaat bekend.
Nee, dan wij. Gewone wegfietsen, geen ligsturen, geen (of eigenlijk 1) snelpak, geen dichte wielen. We werden kansloos 6e (eigenlijk 7e, maar de ploeg voor ons reed een ronde te weinig).
Degenen die denken dat het slechts de benen zijn die het werk doen, vergissen zich. Ik schat dat ongeveer 50% van de overwinning zit in het wekken van de indruk dat je (veel) sterker bent dan je tegenstander. Wielrenners zijn weldenkende mensen, maar hun verstand gaat al op nul bij de aanblik van een gesoigneerde tegenstander. De fiets hoort daar onlosmakelijk bij.
maandag 14 september 2009
Herstel
Vandaag voor het eerst sinds 9 dagen weer op de fiets gezeten. Een kort Rond Hoepje, meer stond er niet gepland. Uiteraard eerst een nieuw zadel gemonteerd, want mijn zadelpijn vanaf dag 3 in de Pyreneeën wens je je ergste vijand niet toe. Een HEERLIJK zadel, in ieder geval met wind mee.
Het ging niet slecht, hoewel het zo hard waaide dat ik naar het binnenblaadje (34) terug moest. Dat compact crankstel is trouwens de uitvinding van de eeuw. Al dat gepiel steeds met die 53/39 crankstellen. Zo vaak heb ik zitten twijfelen wat ik zou moeten steken, en waar ik de gaten moest laten vallen. Allemaal verleden tijd. Zelf mijn oude held Rob Dee(lite) is over!
Over crankstellen en gepiel gesproken. Fietsers heb je in een heleboel soorten. Enkele voorbeelden: de 'wielrenner' (ijdeltuit, materiaalfreak, fiets moet schoon zijn), de 'ATB-er' (ongeschoren (baard; benen uiteraard wel glad), modder op fiets), de ' 'koerier' en de 'toerist'. De meeste van deze categorieën zijn uitwisselbaar en gaan in elkaar over. Er is echter een aparte categorie fietser die zich niet laat overhalen lid te worden van een andere groep. Onze Pyreneeën-tocht kende er een aantal: de roeiers.
De roeier geeft niets om geschoren benen, geeft niet om de schoonheid van de fiets en weet over het algemeen vrij weinig van techniek en tactiek. De roeier vindt het niet erg om met een triple crankstel te rijden en heeft geen gepassioneerde voorkeur voor Campagnolo of Shimano. De roeier is goed gezelschap: hij/zij drinkt graag bier en praat graag over sport (eigenlijk alleen over roeien, maar goed). 'Wielrenners' fietsen graag met 'Roeiers', in ieder geval tijdens trainingen. Tijdens wedstrijden (waar de roeier niet veel om geeft) is het anders. Dan mogen de roeiers thuisblijven. Ze fietsen namelijk veel te hard.
Het ging niet slecht, hoewel het zo hard waaide dat ik naar het binnenblaadje (34) terug moest. Dat compact crankstel is trouwens de uitvinding van de eeuw. Al dat gepiel steeds met die 53/39 crankstellen. Zo vaak heb ik zitten twijfelen wat ik zou moeten steken, en waar ik de gaten moest laten vallen. Allemaal verleden tijd. Zelf mijn oude held Rob Dee(lite) is over!
Over crankstellen en gepiel gesproken. Fietsers heb je in een heleboel soorten. Enkele voorbeelden: de 'wielrenner' (ijdeltuit, materiaalfreak, fiets moet schoon zijn), de 'ATB-er' (ongeschoren (baard; benen uiteraard wel glad), modder op fiets), de ' 'koerier' en de 'toerist'. De meeste van deze categorieën zijn uitwisselbaar en gaan in elkaar over. Er is echter een aparte categorie fietser die zich niet laat overhalen lid te worden van een andere groep. Onze Pyreneeën-tocht kende er een aantal: de roeiers.
De roeier geeft niets om geschoren benen, geeft niet om de schoonheid van de fiets en weet over het algemeen vrij weinig van techniek en tactiek. De roeier vindt het niet erg om met een triple crankstel te rijden en heeft geen gepassioneerde voorkeur voor Campagnolo of Shimano. De roeier is goed gezelschap: hij/zij drinkt graag bier en praat graag over sport (eigenlijk alleen over roeien, maar goed). 'Wielrenners' fietsen graag met 'Roeiers', in ieder geval tijdens trainingen. Tijdens wedstrijden (waar de roeier niet veel om geeft) is het anders. Dan mogen de roeiers thuisblijven. Ze fietsen namelijk veel te hard.
donderdag 10 september 2009
woensdag 9 september 2009
Afkicken...
Sinds vrijdag niet meer op de fiets gezeten. Zondag nog wel even alle smurrie van de Aubisque-afdaling verwijderd, maar de fiets staat sindsdien in de berging. Mijn handen vertonen de gevolgen van het hoge aantal fietsuren, de handschoen- en horlogerandjes. Intussen genieten de benen van de weelderige rust. Ze protesteren nog steeds wanneer ik een trap oploop, hoewel het 'volle gevoel' minder hevig is dan zaterdag en zondag. Nog een paar dagen, schat ik, dan zullen ze wel weer wat rondjes willen gaan draaien.
Hoe behoud ik de opgedane conditie? Heb ik uberhaupt wel conditie opgebouwd, of ben ik alleen maar met sloopwerk bezig geweest? Die laatste mogelijkheid lijkt nu nog steeds het meest waarschijnlijk, maar ik hou me vast aan de hogere trainingskunde (superinspanning gevolgd door supercompensatie geeft toename kracht).
Ik heb een nieuw doel nodig. De volgende 'bergweek' gaat mogelijk pas over 2 jaar plaatsvinden. Het jaarlijkse Paasweekend is een optie. Zou ik de opgedane klimkilometers kunnen gebruiken om dan de stenen uit de straat te rijden? De sterkste-man competitie (www.desterksteman.nl) is een andere mogelijkheid, hoewel ik niet verwacht dat mijn loopcapaciteiten in de afgelopen week zijn verbeterd...
Hoe behoud ik de opgedane conditie? Heb ik uberhaupt wel conditie opgebouwd, of ben ik alleen maar met sloopwerk bezig geweest? Die laatste mogelijkheid lijkt nu nog steeds het meest waarschijnlijk, maar ik hou me vast aan de hogere trainingskunde (superinspanning gevolgd door supercompensatie geeft toename kracht).
Ik heb een nieuw doel nodig. De volgende 'bergweek' gaat mogelijk pas over 2 jaar plaatsvinden. Het jaarlijkse Paasweekend is een optie. Zou ik de opgedane klimkilometers kunnen gebruiken om dan de stenen uit de straat te rijden? De sterkste-man competitie (www.desterksteman.nl) is een andere mogelijkheid, hoewel ik niet verwacht dat mijn loopcapaciteiten in de afgelopen week zijn verbeterd...
zaterdag 5 september 2009
Thuis
Eindelijk thuis! Gisteravond om 24:00 aangekomen. De etappe over de Aubisque viel nog vies tegen. Bij vertrek uit Luz St Saveur dreigde er al vies weer en tijdens de beklimming van de Soulor begon het te regenen. Het stukje tussen de Soulor en de Aubisque was monsterachtig: harde regen, veel wind, diepe afgronden, donkere tunnels, enzovoort. Nog voor de top was ik al van top tot teen aan het bibberen van de kou. Gelukkig reed de bus achter ons en konden we ons in het hutje op de top verwarmen aan crepes (3!), chocololademelk en droge kleren. Voor het eerst 5 lagen aangetrokken. De afdaling was gevaarlijk, maar eigenlijk vooral door de mist, kou en regen. In droog weer moet die afdaling geweldig snel zijn. Onderin hergroepering en in sneltreinvaart naar Pau gereden.
Nu spierpijn. Het zal wel even duren voor ik weer 7 dagen achter elkaar meer dan 100 km per dag ga rijden, maar geweldig was het wel. Nieuw plan: over 2 jaar naar Dolomieten.
Nu spierpijn. Het zal wel even duren voor ik weer 7 dagen achter elkaar meer dan 100 km per dag ga rijden, maar geweldig was het wel. Nieuw plan: over 2 jaar naar Dolomieten.
Abonneren op:
Posts (Atom)




