Harry Koene

Mijn foto
Netherlands
Fietsfreak, mooi-weer fietser. Liefst bergop, maar op vlakke beter. Zelfbenoemd EPO-kenner

maandag 16 april 2012

De overslaande plaat van Maarten Ducrot

Het Nieuwe Wielrennen. Maarten Ducrot spreekt er al jaren over. De definitie is niet helemaal duidelijk en lijkt ook steeds te veranderen. Oorspronkelijk bezigde Ducrot de term vooral in de context van dopingrellen. In het eerste decennium van de 21e eeuw voorspelde hij dat er binnen 50 jaar niet meer over doping in het wielrennen zou worden gesproken. Naarmate de tijd vordert wordt de term ook gebruikt voor renners die zonder duidelijke strategie ten aanval trekken. Niet wachten tot de laatste drie kilometer voor de finish van een Alpenetappe, nee, gewoon ten aanval trekken zoals Andy Schleck in de Tour van 2011. Het Grote Lijden. Het Nieuwe Wielrennen.

Ducrot zag ploegleider Bjarne Riis een voortrekkersrol bekleden bij de invoering van het Nieuwe Wielrennen. Riis voerde in 1996 en 1997 intensieve experimenten uit naar de maximaal tolereerbare dosis van EPO. Hij kwam ver en won de Tour van 1996 met een hematocriet van 62-64% zonder daarbij relevante bijwerkingen te vertonen. Het onderzoek werd enkele jaren later zonder toestemming van de onderzoeker gepubliceerd. Maarten Ducrot vertelde eens dat hij met wielrennen stopte omdat
onder anderen Riis plotseling veel harder ging rijden en hij zich opgelicht voelde. Vreemd toch, gezien het feit dat Ducrot toegaf zelf onder andere testosteron corticosteroïden te hebben gebruikt in zijn carriere. De oplichter voelt zich opgelicht. Zou er pas sprake zijn van oplichting als je door gebruik van doping ook daadwerkelijk wat wint?

Voor de start van de Amstel Gold Race 2012 las ik de Lijst van de Hoop van Maarten Ducrot, waarin hij wielrenners noemt waarvan hij hoopte dat ze zouden winnen. Hij kreeg nog gelijk ook; Gasparotto won na een fantastische laatste 10 kilometer. Verbaasd was ik wel over zijn opmerking over Valverde. Hij hoopte dat Valverde de klassieker zou winnen omdat "hij overtuigd is van zijn onschuld" en "zijn gram wil halen". Huh?

Valverde is teruggekomen van een tweejarige schorsing omdat hij betrokken was bij de Fuentes affaire. Er zouden bloedzakken van hem zijn gevonden in de koelkast van Fuentes. U weet wel, die Spaanse gynaecoloog (!) bij wie ook Frank Schleck 'trainingsadviezen' inkocht voor enkele tienduizenden euro's. Valverde had er naar eigen zeggen niets mee te maken. Ook nadat in de bloedzakken DNA was aangetroffen dat identiek was met dat van Valverde hield hij vol dat hij onschuldig was en beledigde daarmee het intellect van ieder weldenkend mens.

Zou Ducrot werkelijk denken dat Valverde onschuldig is? Zou hij het persisterende ontkennen van Valverde zien als een bewijs a decharge? Hij had beter iets kunnen schrijven als: "Ik hoop dat Valverde wint. Net teruggekomen van een verdiende schorsing, krijgt hij nu een tweede kans om te laten zien dat hij nog steeds tot de sterksten behoort". Maarten Ducrot geeft perfect weer hoe het wielrennen in elkaar steekt en altijd in elkaar gestoken heeft: over doping wordt niet gesproken. Mart Smeets is vergeleken met Ducrot nog rechtlijnig. Hij geeft tenminste toe dat hij hypocriet is. Hij geeft toe dat hij weet dat er doping wordt gebruikt, maar veroordeelt renners pas als dat juridisch gebeurd is. Ducrot veroordeelt helemaal niet, maar roept te pas en te onpas dat met het "Nieuwe Wielrennen" het dopinggebruik geminimaliseerd is. Wat een naïviteit en onnozelheid.

Sportjournalisten hebben zichzelf nog geen controlerende functie aangemeten, hoezeer ze dat ook zouden willen uitstralen. Ze reizen van gemeenplaats naar gemeenplaats en graven nooit dieper dan een dun laagje. Net zo dun als het glanzende laagje olie op de benen van Valverde.

donderdag 12 april 2012

De Spaanse Dokter

Twee weken geleden werd ik op het industrieterrein tussen Utrecht en Maarssen aangereden door een auto. De schade aan mijn fiets was aanzienlijk, maar de schade aan mijzelf leek mee te vallen, hoewel ik behoorlijk veel last van mijn rechterschouder had. Omdat de klachten niet snel afnamen liet ik enkele dagen later een röntgenfoto van mijn schouder maken en stuurde die naar een chirurg in Spanje. Hij bekeek de foto, maakte in het Spaans een verslag op en stuurde dat terug. Ik liet het verslag vertalen, belde hem met behulp van de tolkentelefoon op voor advies. Gelukkig was er geen operatie nodig. De chirurg in kwestie is geen beroemdheid. Hij heeft geen enkel wetenschappelijk artikel over schouderklachten gepubliceerd. Toch is hij mijn wonderdokter. Tikje omslachtig, maar ik ben dik tevreden. Nederlandse dokters zijn volstrekt niet bekwaam in dit soort typische fietsblessures. Toch?

Ik kan me dan ook goed voorstellen dat veel wielerploegen gebruik willen maken van de diensten van José Ibarguren. Vorig jaar nog actief bij OmegaPharma-Lotto, dit jaar bij OmegaPharma-QuickStep. De wielrenners verdienen de allerbeste zorg! Ook handig om een Spaanssprekende arts in de gelederen te hebben. Oh nee, toch niet, er zijn geen Spaanse wielrenners in de ploeg. Hoe dan ook, Ibarguren heeft fraaie palmares. Toch?

In 1999 werkte hij voor Lotto. Door Willy Voet werd hij een dopingdokter genoemd, maar dat was natuurlijk gelogen. Een jaar later ging hij voor Banesto werken. Een ex-wielrenner (Thomas Davy) claimde dat er in Banesto al vele jaren een gestructureerd dopingprogramma bestond, waarbij hij dacht dat iedereen er aan mee deed. In 2002 verhuisde Jose naar Lampre. Vervelend dat kort na de Tour een Lampre-camper werd doorzocht waarbij verschillende dopingmiddelen werden gevonden in een koffer van Ibarguren. Die waren natuurlijk niet voor de renners bedoeld, vertelde hij de politie. Enkele dagen eerder was de echtgenote van Rumsas (Lampre, 3e in de Tour) aangehouden met EPO, corticosteroiden e.d. in de auto. Uiteraard ook niet bedoeld voor de Lampre-ploeg, waarom zou je dat denken?
Vanaf 2004 werkte José drie jaar voor Euskaltel, waar hij talenten als Iban Mayo bijstond. Ploegleider Mauro Gianetti heeft altijd een fijn oog voor talent gehad en trok Ibarguren naar Saunier Duval. Stom toeval natuurlijk dat Piepoli en Ricco op doping werden betrapt. Daar had de Spaanse dokter niets, maar dan ook helemaal niets mee te maken.

Vorig jaar won Philippe Gilbert overal waar hij aan de start verscheen. Het hele seizoen door, vanaf Brabantse Pijl via Tour de France tot de najaarsklassiekers. Tom Boonen had een slecht seizoen in 2011. Dit jaar heerst Tom Boonen over het voorjaar. Hij overwoog zelfs de Amstel Gold Race te rijden, maar realiseert zich dat dit zijn geloofwaardigheid ernstig zou ondermijnen. Hij reed de eerste van de 'Ardense' klassiekers nooit eerder en je hoeft geen kenner te zijn om Tommeke als niet-klimmer te beoordelen. Gilbert moet zijn eerste overwinning in 2012 nog behalen. Waren er grote veranderingen in voorbereiding? Niet echt, het enige is dat medische adviezen van Ibarguren verhuisden van Gilbert naar Boonen. Toeval natuurlijk

Vandaag (12-04-12) werd bekend dat Ibarguren door de Italiaanse justitie in staat van beschuldiging is gesteld in het kader van de Mantova affaire (Velonation). Toen keek José al over de grenzen: hij had vanuit Spanje contact met een apotheek 1600 km verderop. Zal natuurlijk over niet meer dan een paracetamolletje gaan...

donderdag 9 februari 2012

Plastic Bert(rand)

Hoe zat het ook weer? Bij de Contador-zaak ging het vooral om clenbuterol. Hoeveel was het ook weer  en waar kwam het vandaan? Van een koe, zei Contador en hij werd vegetariër. De CAS vond dat onwaarschijnlijk, in ieder geval niet meer waarschijnlijk dan dat het ergens anders vandaan was gekomen. Een tamelijk wazige conclusie, maar goed. Contador is geschorst.

Kort nadat bekend werd dat er bij Contador clenbuterol was gevonden, kwam het 'plastificeer-verhaal' in de wereld. 'Plasticizers' (phtalaten) zijn weekmakers die gebruikt worden om het plastic van infuuszakken flexibel te maken. Bij Contador werden op 20 juli hoge concentraties plasticizers gevonden, passend  bij een recente bloedtransfusie. Er ontstond discussie, omdat de test niet gevalideerd was en omdat plasticizers op zichzelf niet op de dopinglijst staan. Ze werken op zichzelf natuurlijk ook niet prestatieverbeterend.

Contador verweerde zich met frisse tegenzin. De hoge concentratie zou ook het gevolg kunnen zijn van ander gebruik van plastic middelen. Bijvoorbeeld het gebruik van een rietje. Ik zie het helemaal voor me. Contador aan het eind van een lange etappe: "Nee, ik drink NIET uit het blikje, ik wil een rietje, NU!!!"

In een recent Duits-Spaans onderzoek werd gekeken naar plasticizers in bloed (Monfort et al. Transfusion 2011). Een groep van 25 gezonde vrijwilligers ('moderately trained') met een 'normale' levensstijl kreeg een halve liter bloed, die ze twee weken eerder hadden ingeleverd. Bij bloedafname, op de dag van transfusie en enkele dagen daarna werd de concentratie van verschillende plasticizers (waaronder mono-(2-ethylhexyl)-phtalaat, MEHP) in de urine gemeten. Hieronder een grafiek van een deel van de resultaten (dag 0 is de dag van transfusie). De zwarte bolletjes zijn de vrijwilligers. Ik heb de waarde van Contador (20 juli 2010) aan de grafiek toegevoegd (rode bolletje).




Bij de vrijwilligers is een kortdurende 'spike' te zien op de dag van transfusie. Voor en na transfusie is MEHP (vrijwel) onmeetbaar. Bij Contador werd een concentratie van 742 ng/ml gemeten. Dat zijn maar drie zero's achter de komma in gram per milliliter...).

De spike bij Contador kan uiteraard ook nog het gevolg zijn van een gewoon infuus met vocht, maar ook in 2010 was er al sprake van een 'no-needle policy' van de organisator van de Tour. De CAS en de UCI vonden een en ander onvoldoende bewijs voor een transfusie, maar zij zijn gebonden aan juridische regels. Ik gelukkig niet. Ik ben ervan overtuigd dat Contador op 20 juli 2010 een bloedtransfusie onderging en kort daarna (clenbuterol-bevattend) plasma kreeg om het bloedpaspoort op orde te houden. High tech dopingtechnieken, zonder rietje.

dinsdag 7 februari 2012

zero zero zero

Alberto Contador mag tot begin augustus 2012 geen wedstrijden fietsen. Hij is ontslagen door zijn ploeg en hem hangt een boete van een paar miljoen boven het hoofd. Niet iedereen is het eens over de beslissing. Zijn collega's in het peloton zijn voorzichtig met hun oordeel. Alleen Cadel Evans nam stelling en noemde de uitspraak een overwinning in de strijd tegen doping. Andy Schleck noemt Contador de winnaar van de Tour van 2010. Kennelijk vindt hij het niet erg dat hij mogelijk verloren heeft van een dopingzondaar. Zou hij meer weten?

Het belangrijkste argument om het met de uitspraak oneens te zijn is dat het geloofwaardig zou zijn dat de clenbuterol die in zijn plas werd gevonden afkomstig is van een Spaanse biefstuk. Sommigen vinden dat de hoeveelheid of concentratie van het spul een rol speelt.

Contador werd geschorst omdat er in zijn urine 50 picogram per milliliter clenbuterol aanwezig was. Zijn persconferentie ("zero zero zero zero enz") vond ik lachwekkend, maar zijn public relations manager was minder naïef. Hij wekte met zijn zero-zero de indruk dat het om een concentratie ging die eigenlijk verwaarloosbaar was. Zeer effectief mompelde hij de eenheid (gram per milliliter) er achteraan, niemand lette daarop. Hij zette de dopingcontroleurs ermee weg als pietlutten, die over alles struikelen. Pennenlikkers, alleen belust op het ten val brengen van grote kampioenen zoals hij. Het heeft hem ook nog geholpen. Hij is dan wel geschorst, maar mag de Vuelta 2012 gewoon rijden. Bovendien is hij volgens al zijn collega's toch de terechte winnaar van de Tour van 2010.

Het geleuter over hoeveel 50 picogram per milliliter clenbuterol is, geeft een pijnlijk laag niveau weer.

Zet je zadel 5 mm hoger en je krijgt rugpijn. Best veel, 5 mm. Toch? Contador en zijn acht (8!!) advocaten nuanceren dat standpunt. Als je het zadel 5 mm hoger zet, zet je het eigenlijk 0.000005 km hoger (langzaam uitspreken: zero zero zero zero zero). Bijna niets dus. Sterker, op heelalniveau is het echt helemaal niets: 5 mm is 0.00000000000000000529 lichtjaar. Dat wordt een lange persconferentie. Dat je toch rugpijn krijgt moet berusten op toeval.


donderdag 19 januari 2012

Zonnebadende rode bloedcellen

Op de website Cycling News stond op 13 januari een interessant stukje. Onderzoek was gestart naar de actviteiten van een Duitse dokter (m), een wielrenner (m/v) en een schaatster. De dokter in kwestie was Andreas Franke uit Erfurt, waar een Duits olympisch trainingskamp is belegd. Het onderzoek liep sinds april 2011 en betrof "illegaal gebruik van medische procedures ten behoeve van doping".

Waar ging het om? De Duiste dokter zou schaatsers en wielrenners hebben behandeld met UV-licht. Niet een zonnebankkuurtje om de moraal te vergroten via een prachtige teint op de geschoren benen, nee iets ingewikkelder. De door de atleten ingeleverde hoeveelheid bloed werd buiten het lichaam met UV-licht behandeld en daarna getransfundeerd. De gedachte hierbij is dat de opname en afgifte van zuurstof door het hemoglobine in de rode bloedcel worden verbeterd. Het Duitse antidopingbureau spreekt in goed Duits van UV-light blood doping. Kennelijk werd de methode al in de 80-er jaren in Oost-Duitsland gebruikt.

Mmm. Mysterieus. Even zoeken op PubMed, de enorme database van medisch-wetenschappelijke literatuur. Wat zou er te vinden zijn over UV-behandeling van erytrhocyten en zuurstoftransport? HE-LE-MAAL NIETS! Noppes! UV-behandeling van concentraten van bloedplaatjes wordt wel toegepast, maar dat is om infecties te voorkomen: UV-licht is schadelijk voor het DNA van de onverhoopt aanwezige micro-orgnanimsen in de bloedzak. Een effect van UV-licht op zuurstoftransport is nooit onderzocht. Zou het UV licht gebruikt worden om DNA van eventuele donoren te beschadigen, zodat niet kan worden bewezen dat in het bloed van de atleet erythrocyten van een vreemde circuleren? Er moet toch een reden zijn dat ze zo moeilijk doen.

Ik denk dat de sporters het slachtoffer zijn van kwakzalverij. Dat bloeddoping werkt is boven elke discussie verheven. Er is vooralsnog niets beter, dus begeleiders grijpen terug op het aloude middel: magie! Sporters zijn bijgelovig en doen alles om de prestatie te verbeteren: altijd eerst de rechtersok aantrekken, altijd fiets poetsen voor de wedstrijd, enzovoort enzovoort. Tijdens het Wereldkampioenschap voetbal in Zuid-Afrika liep de helft van de spelers van het Nederlands Elftal met (meestal oranje) balansbandjes. De fabrikant sloeg een grote slag, maar gaf enkele maanden na de verloren finale toe dat er geen bewijs is dat de bandjes enig effect hebben. Het maakt niets uit. Sporters zijn net mensen. Het placebo-effect is krachtig en (bij)geloof is vrijwel onbreekbaar. Hoe ingewikkelder de methode en hoe mysterieuzer het werkingsmechanisme, hoe beter.


maandag 16 januari 2012

Wintertraining

Ik ben er doorheen gekomen. De ellendige maanden november en december (en begin januari) zitten erop. Dat zijn de maanden zonder doel, zonder afzien. Eind oktober start de anticipatie: acht tot tien weken van regen, kou en modder buiten en een onaanvaardbaar aanbod aan lekkernijen binnen. De Tacx verschijnt uit de berging, maar staat verlaten op de veranda. Eens in de week wordt het roest van het vliegwiel afgereden, maar sessies duren nooit langer dan 50 minuten.

De oliebollenkramen staan op elke straathoek. Ze verschijnen steeds eerder, de uitbaters lijken mijn verslaving te kennen. Ze posteren zich op dagelijkse routes of zodanig dat de wind de geur van verse oliebollen precies mijn neus in blaast. Mijn weerstand wordt aangevallen met gezellige lichtjes en wintermuziek. Een oliebol 1 euro, tien voor 7! Discipline, discipline...

Maar het is inmiddels half januari. Het is koud. Zelfs in deze amateurwinter snijdt de wind diepe groeven in het gelaat, maar ik geniet met volle teugen. In de verte fluistert de lente dat ze eraan komt. De sportieve doelen worden tastbaar en zijn niet meer gelegen in een ander jaar.

maandag 7 november 2011

De zit

De 5 lelijkste 'zitters'

Het gaat natuurlijk om wat er uit de benen komt, maar het oog wil ook wat. De 'zit' is belangrijk. Stuur niet te hoog, zadel niet te laag, geen wc-pot afstelling van zadel op zadelpen. Erik Dekker had het allemaal begrepen. Hij zette eens zijn zadel aan het begin van het seizoen een halve centimeter hoger, omdat dat er mooier uitzag. Seizoen naar de vaantjes in verband met chronische rugpijn, maar o wat had hij een prachtige zit.

5. Cadel Evans: veteraan, ijzervreter. Stoempen, stoempen, stoempen. Medelijden met zijn crankstel dat deze oerkrachten moet opvangen.

4. Santiago Botero: ooit Kelme, ontdekker van het 'mega-verzet'. Reed consequent 3-4 tanden groter dan concurrentie. Deed vooral in tijdrijden pijn aan de ogen.

3. Daniel Martin: klimtalent. Van achteren gaat het nog, maar van voren geen gezicht. Kijkt altijd alsof hij net een citroen heeft stukgebeten.

2. Hennie Kuiper: alleskunner, Grote Meneer. Eigenlijk iets te groot voor zijn fiets. Penningmeester van de Partij van de Harkers.

en (onbetwist) op

1.  Fernando Escartin: Kelme-icoon. Gaf de uitdrukking 'scheef op je fiets zitten' een geheel nieuwe dimensie. Pijn lijden zeer overtuigend.


donderdag 27 oktober 2011

Topsport

Hij is zenuwachtig. Vandaag staat de belangrijkste etappe van de wedstrijd op het programma. De koninginnerit, het hooggebergte. De dagen hiervoor waren zwaar en vermoeiend, maar de geleverde inspanning zal in het niet vallen bij wat er vandaag moet worden gepresteerd. Urenlang zal hij zo scherp als een mes moeten zijn, de hartslag ver boven het omslagpunt. Hij zal niet winnen vandaag, voor hem is een knechtenrol weggelegd. Tijdens de ploegbespreking gisteren sprak iedereen vertrouwen uit, maar er is onzekerheid over het eindresultaat. Hij zal zijn werk doen. Knechten, water halen, ondersteunen. Maar de finish moet en zal hij halen.

Jaren van training gingen vooraf. Vorig jaar maakte de ploeg de sprong naar het grote werk. Hij had verwacht dat hij zonder veel problemen kon overstappen van clubwedstrijdjes naar internationale evenementen, maar de kracht van zijn tegenstanders was hem toch tegen gevallen. Vroeger was hij altijd vooraan te vinden, tijd genoeg voor een grapje en wat ontspanning. Nu mocht hij blij zijn als hij de finish haalde en bij de echt grote wedstrijden werd hij niet eens altijd uitgenodigd. De laatste weken was hij langzaam gewend geraakt aan het niveau, hoewel hij voorlopig niet tot de Grote Meneren zou behoren.


Zijn kleren heeft hij de avond tevoren klaargelegd, de schoenen zijn gepoetst. Vanochtend heeft hij zich nog met een nieuw mesje geschoren. Voorzichtig, geen wondjes! De ploegleiderswagen staat voor het hotel. Een laatste peptalk van zijn verzorgers. De korte rit naar de start wordt in stilte afgelegd. Hij stapt uit, fototoestellen klikken. Mark Rutte is in Brussel gearriveerd.


zaterdag 8 oktober 2011

Motivatie


Ik ben competitief. Hard fietsen is natuurlijk tamelijk zinloos, maar dat feit wordt pas op mijn neus gedrukt zodra er geen competitie is. Alleen fietsen is training, samen fietsen is een wedstrijd. Zelfs op mijn 43e wordt dat niet minder (zie ook mijn Ventoux-avontuur).

Afgelopen zomer zijn we met 12 man een week gaan fietsen. Die week is een tweejaarlijks terugkerend evenement, waarbij in korte tijd zoveel mogelijk hoge en liefst beroemde cols dienen te worden beklommen. De voorpret duurt minimaal een half jaar en is eigenlijk belangrijker dan de week zelf. Hoewel het volgens iedereen vooral om 'genieten' gaat, worden er uiteraard verschillende competities uitgevochten. Stilzwijgend vindt er een onderverdeling plaats: de toppers, de subtoppers en de rest.

Ik behoor tot de subtoppers. Dat was in 2009 niet echt een grote groep, we waren met z'n tweeën. De toppers waren onbereikbaar, die reden ons op elke col op een paar minuten. Tussen Hans en mij was het elke beklimming wel spannend. Uiteraard ontkenden wij het bestaan van competitie tegenover elkaar: aan de voet van elke klim werd afgesproken dat we "rustig omhoog zouden rijden". De afspraak werd echter steeds binnen de eerste paar kilometer geschonden. Ik reed heerlijk. Verliezen deed pijn, maar ik was nooit bij voorbaat kansloos. Verlies op Aspin en Aubisque, winst op Tourmalet en Pailheres. Prima.

In juli 2011 vertrok de groep naar de Dolomieten. Ik had goede hoop op een spannend subtopper-evenement. Helaas. Hans had zich verbeterd: zowel fiets als Hans was 3 kg lichter. Hij behoorde overduidelijk tot de toppers. Ik leek moederziel alleen achter te blijven, maar het werd nog erger. Al op de eerste beklimming werd dat pijnlijk duidelijk. Er was een nieuwe subtopper opgestaan, die echter een ruim betere subtopper bleek dan ik. Het was niet spannend, elke beklimming moest ik passen als het boven de 10% ging. Prachtige omgeving, hoor, die Dolomieten, maar toch mooier als je als eerste (van je subgroepje..) bovenop de Giau of Stelvio aankomt. Belangrijkste consequentie was dat de motivatie om zo hard mogelijk omhoog te rijden sterk daalde. Ik bleek een toerist. Rustdagen werden ingebouwd, routes afgesneden. Dieptepunt was het passen voor de Mortirolo, die toch op het verlanglijstje stond.

De herfst is begonnen en daarmee de zoektocht naar een nieuwe uitdaging. Ik denk dat het tijd is voor een nieuwe fiets...